Ook sluiten steeds vaker andere cliënten aan. “Dat samen in de tuin werken is eigenlijk wel leuk,” geeft Boet aan. De wens is om de moestuin de komende jaren verder uit te breiden, zodat meer cliënten kunnen aansluiten. Bijvoorbeeld als vaste activiteit of dagbesteding.
Waar Boet het meest trots op is? Daar hoeft hij niet lang over na te denken. De Japanse wijnbes in de tuin. Die komt uit de tuin van zijn ouders en leek na het verplaatsen nauwelijks nog aan te slaan. Inmiddels groeit de plant weer volop en loopt hij zichtbaar uit.
Volgens Marloes zit de kracht van de moestuin niet alleen in het tuinieren zelf, maar juist ook in wat er tijdens het werken ontstaat. “Tijdens het werken ontstaan vaak vanzelf gesprekken,” vertelt ze. “Je bent samen bezig en ondertussen bespreek je van alles.” Dat past goed bij Boet. Grote gesprekken aan tafel vindt hij niet altijd prettig, maar tijdens het werken gaat contact veel natuurlijker. Aan het einde van het interview knipt Boet nog wat verse munt af uit de tuin. Ik krijg het mee voor op kantoor. Later die week drinken collega’s er thee van.